Tao en Qi
Over Tao en Qi
Het begrip Qi vindt zijn oorsprong in het Taoisme. Uit het niets onstaat alles en alles keert weer terug naar het niets. Of de oorsppronkelijke leegte. De voortdurende energie of kracht die hierachter zit wordt Qi genoemd. Het begrip Qi heeft in het taoisme uiteindelijk geleidt tot een compleet zelfhelende geneeskunst. Wat onder andere bestaat uit Qigong, acupunctuur, genezende kruidenleer en helende therapeutische massage. De leer van het taoisme is vastgelegd in werken als de Tao Te Jing en de Zhuang Zhi. De leer van de oorspronkelijke leegte. Qi is onderdeel van deze leer. Meditatieve oefening door het hoofd leeg te maken van de eindeloze gedachtenstroom en het verfijnen van Qi in het lichaam om in de toestand van oorspronkelijke leegte te komen. Men oefende op het centreren van Qi in de onderbuik. De plek waar de kern van de levenskracht zit. Vergelijkbaar met hara in Zen boeddhisme. Leg je hoofd in je onderbuik. Bewust worden van Qi maakt de ego(de wil) zachter, en dit opent de verbinding met de oorspronkelijke geest. Bewust van en gevoelig voor de stroom van de levensenergie. Bewegen in de richting van evenwicht en harmonie. De diepere filosofie van het taoisme ligt onder andere in een op de mens gerichte levensleer, die hem tot vrijheid wil brengen, om in de hoogste vereniging met de oorspronkelijke Eenheid het hoogste geluk te beleven. Dan pas is de onsterfelijkheid bereikt, de dood is slechts een terugkeren tot de oorspronkelijke Eenheid. Onderdeel van het grotere geheel. De oorspronkelijke leegte.